Zoeken



DE FEITEN t.a.v. Rapport Blom / Koop PDF Print E-mail
Geschreven door GB   
dinsdag, 01 februari 2005 19:06

Dhr. v. Laarhoven (GB) wordt in april 2004 als wethouder door de Raad heengezonden vanwege het niet melden van een nevenfunctie en daardoor een schijn van belangenverstrengeling. De opgelegde maatregel vindt GB niet in verhouding staan tot het gepleegde feit.

Hierom verzoekt de partijvoorzitter namens het partijbestuur uiteindelijk aan dhr. Blom en mw. Koop (dhr.Blom is bouweconoom, lid van het CDA en betrokken bij het Geuzenberaad, Mw. Koop is communicatiewetenschapper en adviseur en lid van de CDA fractie van de Provinciale Staten in Z.H.) de gepasseerde zaken eens uit te zoeken en daarbij ook onze partij zeker niet te sparen.

Er staat geen tegenprestatie tegenover het onderzoek en het onderzoek blijft geheel eigendom van de rapporteurs. Een andere voorwaarde was, dat niemand behalve de onderzoekers invloed zouden hebben op het onderzoek. Nadat het het partijbestuur het verzoek gedaan had, zijn de fractie van GB en alle media op de hoogte gesteld.

Tijdens de presentatie, waarbij Dhr. Blom kwam met zwaargewichten als presentator Nico Haasbroek (oud-hoofdredacteur van het NOS-journaal) en prof. Dr. A. Zijdeveld die steun heeft gegeven bij sociale, bestuurskundige en morele kwesties, hebben in beginsel alle aanwezigen het rapport kunnen bemachtigen.

Uit het onderzoek blijkt inderdaad dat de aan dhr.v. Laarhoven opgelegde sanctie te zwaar is geweest én voorkomen had kunnen/moeten worden. Inderdaad had de ex wethouder van GB zijn nevenfunctie formeel niet gemeld, maar eenieder was wel al ruim een halfjaar eerder op de hoogte hiervan middels een ambtenarenadvies dat met openbare stukken voor de cie. Ruimte voor 16 oktober 2003 was meegestuurd. Tevens is bevestigd dat de ex-wethouder binnen zijn functie integer heeft gehandeld en nooit betrokken is geweest bij zaken die hem persoonlijk aan konden gaan.

Helaas bleken de onderzoekers het verzoek van het partijbestuur veel breder te hebben uitgelegd.

Buiten de rehabilitatie om kwamen zij in hun voorwoord van het rapport met aantijgingen jegens vooral Burgemeester de Groot en dhr. v.d.Heuvel, maar ook alle fractievoorzitters én de leden van cie. Bestuur. Er zou sprake zijn geweest van een illegale handeling inzake een grondverkoop van de Gemeente aan een dochtermaatschappij van de van Laarhoven Holding, omdat deze verkoop volgens een eis van de Provincie niet in de raadsvergadering was behandeld.

Omdat het verzoek van het partijbestuur slechts de gang van zaken rondom ex- wethouder van Laarhoven betrof, werd van alle overige conclusies slechts kennis genomen. Immers: de inhoud van het rapport komt voor rekening van de onderzoekers en slechts aan de gegevens rondom het aftreden van dhr. van Laarhoven waren op voorhanden consequenties verbonden voor wat betreft de toekomst van van Laarhoven binnen GB. Laat overigens onverlet dat GB ook erg gelukkig was met de bevindingen met betrekking tot ex- fractievoorzitter dhr. T. v. Erp. Ook hier had de zaak anders kunnen/moeten verlopen.

Voor aanvang van het onderzoek heeft het partijbestuur aan onze ex wethouder beloofd dat bij rehabilitatie het rapport zou mogen worden toegezonden aan die ex- collega’s die destijds ook op de hoogte waren gebracht van zijn ontslag. Bij verzending van dit rapport (waarvan het voorwoord een integraal onderdeel is) werd het openbare ambtenarenadvies van 16 oktober 2003 toegevoegd als juridisch toelaatbaar bewijsstuk dat eenieder indertijd al op de hoogte was van de nevenfunctie. Tevens werd door het partijbestuur (ondertekend door partijvoorzitter) een begeleidende brief geformuleerd om de rehabilitatie te benadrukken waarbij melding werd gemaakt van het “voor kennis aannemen” van de verdere conclusies die niet tot de rehabilitatie hoorden. Dit “voor kennis aannemen” heeft men in het college van B&W en in de raad onvoldoende gevonden. Deze formulering is echter gekozen om niemand (ook de vrijwillige onderzoekers niet) te beschadigen.

Ondertussen had de fractievoorzitter (op dat moment onwetend van het versturen van deze rapporten aan andere gemeentebesturen) persoonlijk aan de betrokkenen medegedeeld dat de genoemde aantijgingen zeer betreurenswaardig waren, dat GB daar geen invloed in had gehad en  hier absoluut afstand van genomen werd.

Direct na deze actie werd het rondsturen van de rapporten, inclusief het voorwoord mét de gewraakte aantijgingen, die dus al weerlegd waren, aan andere gemeentebesturen bekend. Bijna gelijktijdig hebben partijbestuur én fractie een schriftelijke reactie opgesteld als handreiking  en werd wederom afstand genomen van alles wat niet tot de rehabilitatie had behoord.

Alle goede bedoelingen ten spijt werd alles verkeerd geïnterpreteerd en uitgelegd. Juist de goed bedoelde schriftelijke handreiking ondertekend door partij- én fractievoorzitter in combinatie met het versturen van de rapporten met de weerlegde aantijgingen maakte het volgens B&W en de andere fracties tot een politiek item.  

Daarop riep de Burgemeester een extra raadsvergadering uit op vrijdag 4 februari om het beschadigde imago van het Vughtse gemeentebestuur te redden.

Op voortouw van VSA (in een vriendelijke poging om met zijn allen verder te kunnen, zonder o.a. weer een coalitiebreuk) kwam het tot een motie die uiteindelijk door alle fracties en het college van B&W werd ondertekend. In deze motie werd het GB aangerekend dat de goede naam en eer van de Vughtste gemeenschap en haar bestuurders was aangetast.

GB erkende daarmee dat het rapport nooit verstuurd had mogen worden inclusief het voorwoord en ook té voorzichtig te zijn geweest in bewoordingen omtrent het afstand nemen van die aantijgingen.

Het partijbestuur én de fractieleden van GB hebben zich altijd verzet tegen de beschadiging van personen en zullen dat blijven doen.

GB vindt het dan ook zeer betreurenswaardig dat niemand, maar dan ook niemand het partijbestuur en met name de partijvoorzitter een kans heeft gegeven om weerwoord te geven of zaken uit te leggen:
De begeleidende brief van de partijvoorzitter bij het rapport is absoluut verkeerd uitgelegd.
Ook de reactie van partijbestuur en fractie op het rapport als handreiking met goede bedoelingen onderging helaas hetzelfde lot.
Alle betrokken partijen bleven, hoe dan ook, onherroepelijk overtuigd van de rancune en verkeerde bedoelingen van GB.

GB hoopt dat het ondertekenen door onze fractie van de zware motie op 4 februari, wérkelijk een streep zet onder het verleden en dat in de toekomst het besturen van onze gemeente zich zal voortzetten op basis van partijprogramma’s en de daarop te voeren discussies.

Laatst aangepast ( vrijdag, 06 juni 2008 18:53 )
 
Banner